Villa Isolata, Gent

Asielcentra worden bewoond door vreemdelingen die daar om uiteenlopende redenen tijdelijk verblijven, maar wel gebruik maken van wat de omgeving (=stad) te bieden heeft. Die manier van wonen vraagt om voorzieningen voor tijdelijke huisvesting. Het ontwerp van tijdelijke schuilplaatsen voor mobiele levens met sterk verschillende achtergronden is een opgave die een eigentijdse oplevert. Tijdens het verblijf in de open opvangcentra wordt er gezorgd voor de basisbehoeften van de asielzoekers daarnaast worden er activiteiten en buurtinitiatieven georganiseerd.

De huidige asielcentra zijn vaak gebouwd volgens een arenastructuur (Figuur 1). Dit wil zeggen dat alle activiteiten volledig op het centrum gericht zijn waardoor de open relatie met de omgeving wordt bemoeilijkt. Hierdoor ervaren de buurtbewoners dit gebouw als een gevangenis, een bedreiging voor de wijk (hier: Malem) – ‘ ongezien maakt verdacht’, zo komen asielcentra en hun bewoners vaak in een negatief daglicht te staan Bovendien is een dergelijk asielcentrum niet uitbreidbaar, dit kan leiden tot overbevolking en het verlies van de individuele identiteit van de asielzoekers, ze worden nummers.(Boek: arena versus netwerk)

Wij kiezen voor een structuur die activiteiten verspreidt en verbindt: de netwerkstructuur. Deze structuur heeft als voordeel er meer ruimte is voor dagelijkse activiteiten en eigen initiatieven, waar door de zelfredzaamheid gestimuleerd kan worden. Bovendien ontstaat er een organische wisselwerking tussen de asielzoeker en de omgeving: de asielzoeker maakt gebruik van het stedelijk netwerk, wordt erin geïntegreerd en erop voorbereid; de omgeving en de stad kunnen gebruik maken van de faciliteiten in het centrum, waardoor ontmoetingen gegenereerd kunnen worden. Doordat een netwerkstructuur gebruikt wordt, wordt het mogelijk om in te spelen vraag en aanbod van asielcentra: uitbreiden bij grote toevloed aan asielzoekers, reconversie bij sterke daling.

Vanuit ons onderzoek naar schaal en perspectief ontwikkelden we een ontwerpmethode, gebaseerd op aantallen, oppervlaktes en verhoudingen. In een mondiale samenleving speelt architectuur zich niet meer af op de schaal van de stad (urbanisme) maar op de schaal van de wereld (orbanisme). Ook het asielcentrum ligt op die nieuwe schaal: een grensoverschrijdende en planetaire schaal. De structuur van de stad en het asielcentrum zijn op elkaar afgestemd en vloeien naadloos in elkaar over. Het was daarom een noodzakelijke tussenstap om te bepalen waar nood aan is in de omgeving en wat een positieve bijdrage kan bieden aan het stimuleren van de zelfredzaamheid van de asielzoeker. (Figuur 2)

Het asielcentrum wordt opgenomen in het stedelijk netwerk als een knooppunt dat op zich een netwerk vormt. Hierdoor ontstaat een stapeling van verschillende lagen van netwerken: de stad – het centrum – de knooppunten – de functies. (Figuur 3) “Bij de ontwerpen van OMA (en Koolhaas) is congestie als basisconditie van de stad een steeds terugkerend motief. Een veelgebruikt model daarbij is de stapeling en verweving van verschillende functies. Euralille is het ultieme voorbeeld van de stapeling van verkeer en andere functies in een gelaagd geheel, waarbij de Gordiaans knoop van infrastructuur, die de locatie bepaalt, als thema van het stedenbouwkundig ontwerp is genomen. Belangrijk bij het stapelen van OMA is het visuele contact tussen de verschillende lagen.” (Crimson, 1997,p75-76)

In ons ontwerp ligt het accent enerzijds op de ordening van activiteitenstromen, deze ordening is belangrijk voor bewoners die hun tijd vaak moeten in vullen met wachten. Anderzijds op het zichtbaar maken van beweging, beweging als voorwaarden voor ontmoeting. Het terrein wordt verkaveld in zones (knooppunten van het netwerk) die elk een specifieke visie en functie uitdrukken. Deze knooppunten zijn satellieten van de stad, maar zijn autonoom. Een traject loopt los van de verkeersstromen, dwars door het nieuwe gebied, als een verbinding tussen knooppunten (cf. dijk). (Figuur 4) De verbindingen tussen deze knooppunten is gebaseerd op een model van Luc Deleu waarmee hij de bestaande chaos wil bevorderen voor de vrijheid van het individu. (Urbi et orbi, De onaangepaste stad, 2002-2003).

Een asielcentra gebouwd volgens een netwerkstructuur kan een belangrijke rol spelen in het positief imago dat de buurtbewoners en zelfs de verder omwonenden krijgen van het centrum en zijn bewoners.( BDB, Buurtbewoners verzoenen zich snel met asielcentra, in :De Morgen,22/05/2004) De asielzoeker op zijn beurt ervaart een gevoel van vrijheid binnen dit stedelijke netwerk.

  • netwerk: positionering functies
  • gebruikerspieken
  • concept structuur
  • concept terrein
  • woning
  • leslokalen
  • biblotheek
  • niveau 4 & 5
  • niveau 2 & 3
  • niveau 1